Het project

In België worden sinds 2009 referentiebudgetten ontwikkeld. Ze geven een ondergrens weer voor het inkomen waaronder volwaardige maatschappelijke participatie onmogelijk is. Volwaardige maatschappelijke participatie wordt gedefinieerd als ‘het vermogen van mensen om vanuit hun sociale posities te handelen in overeenstemming met de dominante maatschappelijke verwachtingen, alsook het vermogen om deze verwachtingen mee vorm te geven’. Maatschappelijke verwachtingen verbonden aan sociale posities noemen sociologen ‘sociale rollen’, bijvoorbeeld iemands rol als ouder, collega of buur. Wanneer burgers erin slagen om hun sociale rollen naar behoren te vervullen, horen ze erbij en kunnen ze een bijdrage leveren aan het goed functioneren van de samenleving (Storms, 2012). geformuleerd op basis van normatieve criteria (bijvoorbeeld wetten, aanbevelingen of richtlijnen).

BudgetVolgens ‘the theory of human need’ (Doyal & Gough, 1991) is volwaardige maatschappelijke participatie pas mogelijk wanneer aan twee universele behoeften is voldaan, namelijk gezondheid en autonomie. Zich baserend op deze theorie bakenen de Belgische onderzoekers tien domeinen af waarvoor producten en diensten worden bepaald die noodzakelijk zijn om gezond en autonoom te kunnen handelen: voeding, huisvesting, gezondheidszorg en persoonlijke verzorging, kleding, rust, ontspanning, veilige kindertijd, veiligheid, sociaal netwerk, en mobiliteit. .

Voor de concretisering in producten en diensten werd een beroep gedaan op wetenschappelijke kennis via experts en ervaringskennis via burgers. Voorstellen over de concrete samenstelling (aard, kwaliteit, hoeveelheid, afschrijftijd en prijs) werden voor zover als mogelijk geformuleerd op basis van normatieve criteria (bijvoorbeeld wetten, aanbevelingen of richtlijnen).

De Belgische referentiebudgetten worden opgesteld voor afgebakende typegezinnen die verschillen in grootte, samenstelling, en waarvan de leefsituatie en behoeften op voorhand worden gedefinieerd. De budgetten worden jaarlijks opnieuw geprijsd en elke vijf jaar volledig herzien in functie van de gewijzigde maatschappelijke context.

 

K.H.Kempen Vlaamse overheid CSB ULG