gezonde voeding | criteria | korf | kostprijs

Gezonde voeding - criteria

We vertrekken vanuit de aanbevolen inname van nutriënten die ieder persoon nodig heeft om gezond te kunnen leven. Ze vormen de wetenschappelijke basis die nodig is voor de omzetting naar de aan te raden inname van voedingsmiddelen.

Zo komen we bij de actieve voedingsdriehoek. Deze geeft richtlijnen voor wat er gegeten moet worden om voldoende voedingstoffen op te nemen. De drie basisprincipes van een evenwichtige voeding kunnen teruggevonden worden in de actieve voedingsdriehoek, namelijk: evenwicht, variatie en matigheid.

Voedingsdriehoek

 

K.H.Kempen Vlaamse overheid CSB ULG

Close

Evenwicht

Evenwichtig eten betekent dat je dagelijks voedingsmiddelen uit de zeven essentiële groepen, in de juiste verhouding neemt.

Close

Variatie

Niet alle voedingsmiddelen uit eenzelfde groep bevatten dezelfde soorten en hoeveelheden voedingsstoffen, daarom is variatie tussen de verschillende groepen, maar ook binnen dezelfde groep noodzakelijk.

Close

Matigheid

Binnen elke groep voedingsmiddelen moeten de aanbevolen hoeveelheden worden gerespecteerd en de voedingsaanbevelingen worden opgevolgd.

In de actieve voedingsdriehoek wordt binnen de verschillende groepen een onderscheid gemaakt tussen voorkeurs- en middenwegproducten. Bij de samenstelling van de voedingskorf wordt ervoor geopteerd om zowel voedingsmiddelen uit de voorkeurs- als uit de middenwegproducten op te nemen. Als regel wordt hierbij de verhouding voorkeur / middenweg van 5/2 (weekbasis) in de keuze van producten gevolgd. Redenen voor het opnemen van beide groepen producten zijn enerzijds de aanbreng van voldoende voedingsstoffen, en anderzijds het aanbieden van voldoende variatiemogelijkheden binnen de voedingskorf.

Omdat we een evenwichtige voedingskorf samenstellen die past in een referentiebudget, nemen we bij de voorkeursproducten standaard de goedkoopste groep van voedingsmiddelen op. Een voorbeeld hiervan is de keuze voor kraantjeswater uit de voorkeursproducten (plat water, bruiswater) binnen de groep water. Dit betekent echter niet dat er per groep telkens maar één voorkeursproduct wordt opgenomen. Binnen de groep fruit bijvoorbeeld wordt er gevarieerd tussen goedkope fruitsoorten (meestal seizoensfruit). Voor de middenwegproducten moet de variatie zoveel mogelijk (motiveerbaar binnen een referentiebudget) kunnen spelen. Daarom zijn de middenwegproducten gelijkmatig vertegenwoordigd in de korf, met respect voor de 2/7de verhouding. Dit wordt geïllustreerd aan de hand van volgend voorbeeld. Binnen de groep water worden volgende middenwegproducten in gelijke hoeveelheid opgenomen: koffie, thee en light-frisdranken. De totale hoeveelheid komt overeen met de 2/7de verhouding.

Om een zo gevarieerd mogelijke voedingskorf samen te stellen werden voor de groepen fruit, groenten, vlees en vis minimaal 7 (en indien mogelijk meer) verschillende voedingsmiddelen aangekocht om per week. Wanneer de prijsstijging per kg echter groter was dan de gemiddelde prijsstijging beperkte we ons tot de prijs van het zevende stuk.

Voor de bepaling van de hoeveelheden uit de verschillende groepen voor de verschillende leeftijden wordt uitgegaan van de hieronder beschreven hoeveelheden. Voor verse groenten en fruit gaat het om netto hoeveelheden. Wij verhoogde die nog met een afvalpercentage van resp. 28% en 22% Verder maken we gebruik van de Praktische voedings- en beweeggids (VIG, 2006) en van de nutritionele doelstellingen voor België van het NVGP – B. Met het oog op de aanvaardbaarheid van de referentiebudgetten voor mensen met een laag inkomen, houden we in de mate van het mogelijke ook rekening met de opmerkingen die werden gemaakt in de verschillende focusgroepen. We bedoeling hiermee dat we aanpassingen aan de voedingskorf doorvoerden in zoverre deze niet in tegenspraak zijn met de aanbevelingen. Zo wijzigden we bijvoorbeeld de verhouding aardappelen/rijst/deegwaren op vraag van de focusgroepen, maar niet de hoeveelheid vlees.

Close